Ontdek
Kortingen Win CJP events
Over CJP
Contact
Koop je pas Inloggen
Wat maakt kunst zo duur? - De Galerie
15 JAN 2015 • Door Steven Stoffers • Meer blogs over Expo

Wat maakt kunst zo duur? - De Galerie

Hoe hang je een prijskaartje aan een schilderij? In drie weken zoekt CJP het uit met behulp van veilinghuis Christie's, de Beste Galerie van 2015 en het Rijksmuseum.

Af en toe lees je over kunstwerken die voor astronomische bedragen over de toonbank zijn gegaan. Maar waarom is bijvoorbeeld het relatief minder bekende werk De Kaartspelers van Cézanne maar liefst 274 miljoen dollar waard en De Schreeuw 'slechts' 124 miljoen? En vooral; wie bepaalt dat?

In de miniserie Wat maakt kunst zo duur? interviewen we drie mensen die allemaal op een andere manier te maken hebben met prijskaartjes van schilderijen. In deel 1 spraken we Peter van der Graaf, specialist moderne kunst van veilinghuis Christie's. Hij vertelde dat kunst nooit 'duur' kan zijn, hoe de kopende partijen op veilingen bepalen wat een kunstwerk waard is en hoe specialisten als hij een richtprijs bepalen voordat de veiling begint. Daarvoor wendt hij zich onder andere tot enorme databases met prijsinformatie van vergelijkbare kunstwerken uit het verleden. Want 'kunst is de enige belegging waarbij je juist moet uitgaan van behaalde resultaten uit het verleden.' Peter heeft daarom veel respect voor de manier waarop galeriehouders hun prijzen bepalen; zij hebben immers geen prijzen uit het verleden ter beschikking. Volgens Peter zou een galeriehouder onze vragen het best kunnen beantwoorden en dus belden we deze week met de man die is verkozen tot Galeriehouder van het Jaar: Frank Taal.

Hoi Frank. Vorige week heeft Peter ons uitgelegd dat galeriehouders zogenaamde primaire verkopers zijn: jullie bepalen de prijs van een kunstwerk zonder geschiedenis. Hoe doe je dat?

‘De vraag is heel simpel, het antwoord minder. Omdat er ontzettend veel factoren een rol spelen. Om te beginnen: over wat voor werk hebben we het? Video, fotografie, schilderkunst, installaties?’

Laten we het voor het gemak bij schilderijen houden.
‘Oké, daarbij is het al een stuk gemakkelijker. Daar is namelijk een algemene formule voor bedacht die de schijn van objectiviteit een beetje in zich draagt: (hoogte + breedte) x factor die de kunstenaar op het moment van aankoop in zijn carrière is toebedeeld. De algemeen geldende regel is dat een net afgestudeerde kunstenaar begint op factor vijf of zes. Die factor stijgt naarmate een kunstenaar meer tentoonstellingen heeft en meer publicaties, dus kortom meer naam en faam geniet. Daarom is kunst vaak een goed investering; de waarde zal bijna altijd stijgen.’

Dat is interessant, je kunt de prijs dus gewoon berekenen. Wie bepaalt die factor dan, en hoe?
‘De factor wordt bepaald door de galeriehouder, in overleg met de kunstenaar. Naast de exposure die een kunstenaar krijgt, moet een galeriehouder heel goed weten wat de markt wil en ook rekening houden met hoeveel een kunstenaar überhaupt kan produceren, hoe arbeidsintensief zijn werk is en nog een heleboel van dat soort factoren. Maar je kunt bijvoorbeeld niet zomaar het aantal publicaties bij elkaar optellen. Er zit dus wel een bepaalde mate van subjectiviteit in dit mechanisme, maar het komt vooral aan op de expertise van een galeriehouder om de juiste factor te vinden: als de prijs te hoog is, wordt iemand niet meer verkocht.
Je bouwt de factor en daarmee de prijzen langzaam op. Een goede galeriehouder probeert de kunstenaar steeds naar een hoger podium te brengen maar gaat wel voor de lange termijn. Als een bepaald werk ineens populair wordt in New York en daar een recordbedrag kan vangen, is dat één keer mooi voor de galeriehouder en de kunstenaar. Maar je zadelt iemand op met een last, want in Nederland is zijn werk dan ineens ook heel duur en wordt het waarschijnlijk niet meer verkocht.
Dat is namelijk nog wel een interessant punt. Prijzen tot € 10.000,- voor een kunstwerk zijn gangbaar in Nederland.  Daarboven wordt het al een stuk lastiger. In het buitenland kan men zich daarover verbazen: ze zien de kwaliteit van Nederlandse kunstenaars, want we zijn namelijk wel écht goed, en kunnen niet begrijpen dat dat soms zo weinig kost.’ 

Dat is een bizar idee; het land waar je geboren bent, maakt dus uit voor de prijs van je kunstwerken. Stel Frank, ik ben Nederlander en zou desondanks mijn brood willen verdienen als schilder. Wat kan ik dan het beste doen?
‘Een schilderbedrijf beginnen en deuren witten.’

Touché. Maar volgens de formule zou ik vooral groot werk moeten maken, toch?
‘Zo denkt een kunstenaar niet. Mensen die kiezen voor dit bestaan, doen dat niet omdat ze het willen, maar omdat ze het zijn. Ze kiezen een vorm vanuit hun ideeën over hoe het werk eruit zou moeten zien en gaan niet berekenen hoe ze er meer geld uit kunnen halen. Hoe graag de overheid ook wil dat kunstenaars ondernemers zijn, zo werkt het niet. Bovendien kan je werk nog zo groot zijn; als het niet gewaardeerd wordt, krijg je er niks voor.’

Zowel de specialist als de galeriehouder zeggen eigenlijk dat een groot deel van de prijs bepaald wordt door wat kunstkopers ervoor over hebben. Of in ieder geval de inschatting van wat ze ervoor over zouden hebben. Om het plaatje compleet te krijgen, kloppen we volgende week dus aan bij een koper: het Rijksmuseum. Specifieker, bij Taco Dibbits, de directeur collecties van het Rijksmuseum.

Via CJP kun je kunst kopen zonder meteen een dubbele hypotheek op je appartement af te sluiten. Lees meer over de voordelige kunstkoopregeling van We Like Art.

Comments

Gerelateerde kortingen

We Like Art/Kunstkoopregeling
Korting verschilt met CJP

We Like Art/Kunstkoopregeling

Leen kunst voor nop met je CJP-pas

Rijksmuseum

Dé plek voor je broodnodige portie Vermeer en Rembrandt

50%
Win
De Hallen Haarlem