630
Film

Figureren in een film: zo gaat dat

14 januari 2021

1 min leestijd

Pim Nugteren
Als een woeste Viking van een heuvel afrennen, een Arabische handelaar spelen of voor één dag lid zijn van de Staten-Generaal: het kan als figurant. Wij spraken twee enthousiaste figuranten over het leven op de filmset. ‘Jezelf zien in de bioscoop voelt heel surreëel.’

Meestal denk je bij figuranten aan wannabe filmsterren die stiekem hopen op een acteercarrière. Of van die types die koste wat het kost dezelfde lucht als Barry Atsma willen ademen. ‘Dat soort mensen heb je er inderdaad ook tussen zitten, maar dat is niet waarom ik het doe,’ vertelt Foort de Rijder. Hij zag ooit regisseur Roel Reiné op tv een oproep doen en meldde zich aan om te figureren in Michiel de Ruyter. ‘Het leek me leuk om eens rond te kijken op zo’n filmset. Uiteindelijk heb ik meerdere dagen gefigureerd in de film: ze hebben me aangekleed als burgervolk, Arabier en lid van de Staten-Generaal.’ Voor Foort is figureren vooral ‘een leuke dag’ hebben. ‘De gezelligheid op de set, het contact met andere figuranten. Ik heb er veel vriendschappen aan overgehouden.’

Kevin Olivieri zag een advertentie in de krant en hapte meteen. Als voormalig toneelschool-student was hij wel te porren voor een paar dagen Michiel de Ruyter. ‘Ik heb acteren nooit helemaal losgelaten, dus dit leek me een goed moment er weer eens wat mee te doen,’ vertelt hij. ‘Bovendien had ik destijds de goede looks voor een zeemannenfilm: lang haar en een lange baard.’

Bloed, zweet en tranen

Een dag op de set begint voor iedere figurant hetzelfde: het tekenen van een quitclaim. ‘Dat is een document waarin je afstand doet van al je rechten,’ vertelt Foort. ‘Zo kun je achteraf geen geld claimen voor je beeltenis in de film.’ Vervolgens wordt je een voor een doorgesluisd naar de kleedafdeling. Kevin: ‘Je hebt geen idee hoe ze je gaan aankleden. Je wordt geschminkt, in een outfit gehesen en naar de set gereden. Dan sta je ineens op een andere planeet.’

En dan begint het spektakel! Nou, niet echt. Figureren is vooral wachten, aldus Kevin. ‘Je moet geduld hebben. Ik heb ooit gefigureerd in André Hazes: Bloed, Zweet en Tranen: daar moest ik me om 11 uur ’s avonds melden en werd ik pas om 4 uur ’s nachts opgeroepen. Dat is wel balen. Maar als je er eenmaal staat, is het magisch.’

Foort kan zich ook nog wel een pittig nachtje herinneren. ‘Tijdens de opnames van Redbad moesten we ’s nachts in een bos opdraven, onder een regendouche. Dat was wel zwaar. Je bent tot op het bot verkleumd, maar de scène moet dan toch nog twintig keer opnieuw worden gedaan.’ En dan kan het zelfs zijn dat je uiteindelijk niet eens in de film te zien bent. Foort: ‘Ze schieten uren aan materiaal, maar dat komt natuurlijk nooit allemaal in de film. Dus het kan zomaar zijn dat al jouw scènes er uit zijn geknipt.’

Magisch moment

‘Tis dus niet altijd feest in figurantenland. Toch vinden Foort en Kevin het vooral heel erg leuk. ‘Je ziet hoe een regisseur te werk gaat, hoe acteurs zich opladen,’ zegt Foort. ‘Prachtig toch om daar met je neus bovenop te staan? Daarnaast vind ik het altijd heel gezellig met de andere figuranten.’ Kevin: ‘Jezelf zien in de bioscoop is heel surreëel. Dat is altijd weer een magisch moment.’

Liever een film kijken dan er in spelen? Neem een abonnement op Cinemember of check hier al onze filmkortingen.

Ook leuk voor je vrienden? Deel deze pagina