Artikelen Kortingen Win CJP events
Over CJP
Contact
Koop je pas Inloggen
Waarom je Wild Wild Country moet zien
09 APR 2018 • Door Rick van Veluw • Beeld: Wild Wild Country • Meer blogs over Film

Waarom je Wild Wild Country moet zien

Eens in de zoveel tijd komt er een serie voorbij waar je niet over uitgepraat raakt. Wild Wild Country valt in die categorie: een waanzinnige docuserie over een sekte die een stad opbouwt in de Amerikaanse woestijn.

De grootste biochemische aanval op Amerikaanse bodem ooit, moordcomplotten en 93 Rolls Royces: Wild Wild Country lijkt te bizar om waar te zijn. Deze Netflix-serie over de Bhagwan-sekte kijkt weg als een spectaculaire film, terwijl alles echt zo gebeurd is. Dit is waarom je deze zesdelige docuserie gelijk moet gaan kijken:

1. Het is een geweldig verhaal

Je vraagt het je hardop af als je Wild Wild Country kijkt: is dit écht een documentaire? Regisseurs Chapman en Maclain Way vertellen het verhaal van de Bhagwan-sekte die in 1981 India ontvlucht om in een Amerikaans gehucht een stad te bouwen: Rajneeshpuram. De sekte strijkt neer op een ranch in Oregon en stampt daar in hoog tempo huizen, een winkelcentrum en een grote hal uit de grond. Natuurlijk zijn de buren in het kleine dorpje Antelope daar niet blij mee. Hetzelfde geldt voor de Amerikaanse staat: zij zien de leider van de beweging, goeroe Bhagwan Shree Rajneesh, liever ook gaan en start een immigratieonderzoek naar hem leden van de sekte. Wat volgt is een duizelingwekkend verhaal, waarin de meest absurde wendingen voorkomen. Soms is de realiteit gekker dan fictie.

2. De regie en spanningsboog zijn strak

De gebroeders Way beschikten voor Wild Wild Country aan een schat van materiaal. De Bhagwan-sekte filmde bijna alle bijeenkomsten en persmomenten. Daarnaast nodigde de goeroe de gretige Amerikaanse pers vaak uit in Rajneeshpuram. Des te knapper is het dat Wild Wild Country zo’n sterke spanningsboog heeft. De gebroeders Way ploegden zich door al dit archiefmateriaal en hebben er een spannende en strakke serie van gemaakt. Beelden uit de jaren tachtig worden afgewisseld met interviews van nu: de broers Way interviewden inwoners van Antelope, oud-sekteleden en Amerikaanse aanklagers en advocaten, die uitgebreid terugblikken op de komst van Bhagwan en zijn volgelingen. Zoveel materiaal en zo’n gestoorde geschiedenis vatten in een docuserie die boeit, verrast en je grijpt: chapeau.  

3. Interviews met mensen die er toe doen

Naast het indrukwekkende archiefmateriaal, investeerden de makers van Wild Wild Country dagen in het interviewen van inwoners van Antelope, Amerikaanse juristen en aanklagers en oud-sekteleden. Alleen de hoofdrolspelers van toen komen aan het woord. Zoals Ma Anand Sheela, de rechterhand van Bhagwan die steeds een stapje verder gaat om de sekte te beschermen tegen de oprukkende Amerikaanse staat. Swami Prem Niren (Philip Toelkes) was destijds burgemeester van Rajneeshpuram en stond Bhagwan bij in talloze rechtszaken. Dan heb je nog aanklager Robert Weaver, Antelope-inwoners Kelly & Rosemary of oud-sektelid Ma Shanti B (Jane Stork). Allemaal vertellen ze hun eigen verhaal. Toelkes raakt nog altijd geëmotioneerd als hij praat over ‘zijn’ Osho (een andere naam voor Bhagwan, red.). Sheela is misschien nog wel fanatieker dan toen, Weaver een klassieke jurist met patriottische neigingen. Zij geven hun visie op het verleden en die is al net zo kleurrijk als het verhaal.  

4. Het camerawerk is prachtig

De interviews voor Wild Wild Country zijn zorgvuldig en liefdevol geschoten. Je ziet Sheela in slow-mo dwalen door het Zwitserse stadje waar ze nu woont, of Toelkes die werkt aan zijn studeertafel aan een boek over Bhagwan. Er spreekt respect uit die beelden: de makers van Wild Wild Country kiezen geen kant. Bovendien ziet het er fantastisch uit. Dat geldt ook voor de beelden van Rajneeshpuram anno 2018: de gebroeders Way keren nog één keer terug om te kijken hoe het er bij ligt.

Sheela op leeftijd.

5. De soundtrack is te gek

Je zou haast denken dat er niets op te merken valt aan Wild Wild Country, maar de soundtrack is ook al te gek. De serie ontleent zijn naam zelfs aan het nummer Drover van Bill Callahan. Hij is dan ook meerdere keren te horen in verschillende afleveringen, naast Marlon Williams, Kevin Morby en Damien Jurado. De gebroeders Way hebben gekozen voor rootsy folkmuziek die naadloos aansluit op het landschap in Oregon en de ontwikkelingen binnen de Bhagwan-sekte. Tijdens Kevin Morbys I Have Been To The Mountain zie je hoe er op een ruige ranch binnen no time een stad wordt gebouwd. De tranentrekkers van Marlon Williams zijn het muzikale decor voor bange of radeloze Amerikanen. De kers op de taart dus, die soundtrack.

Hup, tijd om Netflix aan te slingeren dus! Of ga gewoon lekker naar de bioscoop met dikke vette CJP-korting door gans het land.

Comments

We maken gebruik van cookies om jouw website-ervaring te optimaliseren. Door gebruik te maken van CJP.nl ga je hiermee akkoord.