Ontdek
Kortingen Win CJP events
Over CJP
Contact
Koop je pas Inloggen
Henk van Straten kijkt naar binnen
14 MRT 2017 • Door Rick van Veluw • Beeld: Rick van Veluw • Meer blogs over Lezen

Henk van Straten kijkt naar binnen

Hij is een meesterobservator. Dat lees je terug in de stukjes op zijn site of de liftsessies met BN-ers in de De Volkskrant. Voor Wij zeggen hier niet halfbroer observeerde Henk van Straten zijn eigen jeugd.

Vroeger deed hij het op drank en oxazepam, nu op sportschoolbezoekjes en gezond eten. CJP Inspirator Henk van Straten heeft een betere manier gevonden om de stress voor het verschijnen van een boek te lijf te gaan. Wij zeggen hier niet halfbroer is net verschenen en is het meest persoonlijke boek dat hij tot nu toe schreef: in het autobiografische verhaal vertelt Henk over zijn jeugd. Het is tragisch, grappig en hoopgevend. Eigenlijk net als het leven zelf.

Waarom heb je zo’n intiem boek over je eigen leven geschreven?
‘Ik schrijf als ik materiaal heb. Dat kan fictie zijn, of non-fictie. Ik schrijf al langere tijd iedere dag een stukje op mijn website. Dat gaat over mijn leven. Op een gegeven moment kijk je achterom en zie je: daar is het óók, dat materiaal. Daar zitten mooie dingen in voor een boek! Het maakt mij dan niet uit of het fictie of non-fictie is. Ik deel fictie ook met iedereen. Het feit dat je iets maakt en dat de wereld inbrengt… dát vind ik intiem.’
Toch is dit heel anders dan een fictief verhaal. Je schrijft over mensen die echt bestaan, die dichtbij je staan.
‘Dat is waar. Maar tijdens het schrijven wist ik al dat het goed zou komen. Het is geen verhaal met verwijten, het gaat om begrip. Begrip voor hoe wij allemaal proberen er iets van te maken. Hoe we verkeerde beslissingen nemen, het soms net niet allemaal aan kunnen, elkaar verkeerd lezen. Menselijkheid, feilbaarheid, compassie: daar gaat het om.  Toch besef ik dat het confronterend gaat zijn voor mijn broers, mijn moeder. Ik beslis voor hen dat mensen dit nu weten. Mijn moeder zal best weleens slikken tijdens het lezen. Al heb ik er vertrouwen in dat ze het ziet als een mooi stuk kunst. Ze is zoals ik, ziet de kunst in het leven.’
Hoe is dat voor jou? Straks sta je in het café, bestel je een biertje en zegt iemand: ‘Zou je dat nou wel doen Henk? Je hebt altijd zulke gruwelijke katers.’
‘Misschien onderschat ik dat nog. Ik schrijf dit boek en de stukjes op mijn site niet uit exhibitionisme hè. Op Facebook verwijder ik alle comments onder mijn verhalen. Meteen. Alles weg, mooie stukjes ook. Ik kan het niet hebben. Onder een schilderij van Munch wil je toch ook geen post-its zien met ‘oh, echt super herkenbaar! Ik voel me vaak zo’. Dat is het punt niet. Munch wil niet over zijn gevoel praten, maar het mooiste kunstwerk maken dat hij in zich heeft. Net als ik. Ik pik het niet als een onbekende straks informeert naar mijn vader of iets dergelijks.’

Know yourself

Waar ik van onder de indruk bent: je lijkt zo’n heldere visie op je jeugd te hebben. Terwijl sommige mensen nog steeds niet weten waarom ze zijn zoals ze zijn, of waarom ze bepaalde keuzes maken.
‘Ik ben veel bezig met zelfonderzoek. Dat komt door het schrijven. Tijdens het schrijven kom je zelf ook tot conclusies. Wat enorm helpt, is als je radicaal eerlijk bent naar jezelf, zonder oordeel. Dus ook de lelijke en slechte kanten komen aan bod, zonder die weg te duwen of te compenseren. Als je dat wel doet, leer je jezelf nooit kennen.’
Zoiets moet je kunnen. Je kunt dat onbewust onderdrukken, zo’n lelijke kant.
‘Daar ben ik me van bewust. Ik doe dat natuurlijk ook nog. De theorie in dit boek is dat ik ben zoals ik ben door een jeugd waarin ik me ongewenst en onveilig voelde. Dat heb ik opgeschreven en vertel ik zo dadelijk nog tien keer in interviews. Het wordt vanzelf een vaststaand feit. Zodra je zoiets inperkt, gaat het mis. Net als in de wetenschap hoort een theorie geldig te zijn tot er ander bewijs opduikt. Zo moet je kijken naar jezelf.’
Hoe houd je jezelf daarin scherp?
‘Ik mediteer, houd me met boeddhisme bezig, doe eens in de zoveel tijd een Ayahuasca-ritueel. Op die momenten zie je alles helder zonder waardeoordeel. Vooral tijdens meditatie is je geest stil. Je neemt subtiele gedachtes en emoties waar. ‘Oh, dus dit is er aan de hand’. Ik heb dat ook met films en romans. Het vergroot je belevingswereld en zet je aan het denken. Het is zo belangrijk je horizon niet af te snijden. Anders gaat het wringen en gisten in jezelf. Je mag best falen, het niet weten, af en toe een scheve schaats rijden. Heb begrip voor andermans feilbaarheden.’

Normaliseren 

Waarom ben je zo geïnteresseerd in die zoektocht naar jezelf?
‘Het is fascinatie en continue verwondering. We weten namelijk niks. Wel hoe snel iets valt of hoe cellen zich delen, maar niet wie we zijn, wat we zijn. Dat vraagstuk blijft een mysterie en daarom boeiend. Ik probeer nieuwe facetten daarvan te zien en ben verwonderd over wat we doen met z’n allen. Bijvoorbeeld, wij zitten hier nu gewoon koffie te drinken, terwijl op andere plekken de wereld kapotgaat, diersoorten uitsterven. Dat is helemaal niet normaal! Fucking raar zelfs. We normaliseren alles. Iemand met gezond verstand zou de hele tijd in paniek zijn. ‘What the fuck? Hoezo ga ik ooit dood? Wat doen we hier?’ Nogmaals, we normaliseren alles. Dat blijf ik wonderlijk vinden. De momenten in het leven worden mooi als dat scheurt en die wezenlijke verwarring, angst en ontroering er doorheen komen. Ik zie dat in mijn eigen leven, in dat van anderen in fictieve levens.’
In het boek zeg je ergens dat je continu personage met persoon verwisselt. Is dat nog steeds zo? Speel je een rol?
‘Ja. Dat is wel een probleem. Een soort aandoening. Anders kan ik niet schrijven. Ik zie iedere situatie als een scene of een stukje waar ik een rol in speel. Gisteren kreeg ik acupunctuur. Ik zit daar en weet al: ik zit in een stukje. Dan beleef ik zo, ben ik aan het kijken wat ik kan gebruiken voor een verhaal. Daar ontsnap ik niet meer aan.'

Benieuwd naar de tips van Henk als CJP Inspirator? Abonneer je op zijn cultuurtips!

Comments