Ontdek
Kortingen Win CJP events
Over CJP
Contact
Koop je pas Inloggen
Thibaud Delpeut: 'Nederland is in paniek'
08 JAN 2016 • Door Steven Stoffers Foto boven: Jenneke Boeijink • Meer blogs over Theater

Thibaud Delpeut: 'Nederland is in paniek'

De regisseur van Een soort Hades wil Nederland veranderen: ‘Wie zich de schouwburg kan permitteren, is verplicht om na te denken over de samenleving.’

Regisseur Thibaud Delpeut (37) ruilde na vijf jaar zijn studie klinische psychologie in voor een regie-opleiding. Meer dan tien jaar later keert hij met het onder sterrenrecensies bedolven Een soort Hades terug naar de wereld die hij kent uit zijn eerste studie: een opvangcentrum voor psychiatrische patiënten. We zien een groep mensen die niet meer mee kunnen komen in de samenleving en de mensen die voor hen moeten zorgen. Op een plek die soms hels is en soms ook niet. Met Een soort Hades wil Thibaud Nederland veranderen. ‘Wij behandelen elkaar op dit moment écht heel erg slecht. Terwijl we fucking rijk zijn. Dat ik psychologie gestudeerd heb, is trouwens niet de reden dat ik nu een groep vastgelopen mensen laat zien. Dit had ook over vluchtelingen kunnen gaan. Het zijn allebei symptomen van hetzelfde; we zijn niet meer bereid voor elkaar te zorgen.’

Je grootste angst is gek worden. Waarom is dat enger dan, bijvoorbeeld, doodgaan?

‘Als je gek bent, wordt je niet meer voor vol aangezien. Dan ben je eigenlijk al dood. Een studievriend van me was een tamelijk briljante student Cognitiewetenschappen. Rond zijn 26e kreeg hij van de een op andere dag een psychose. En daarna nog een. En nog een. Ik zag hem in een half jaar tijd van een slimme, sociale jongen veranderen in iemand die me kwijlend vertelde dat ik de duivel was die elke nacht op de rand van zijn bed kwam zitten. Ik probeerde uit alle macht het beeld vast te houden van de jongen die hij vóór de psychoses was. Maar dat beeld is onhoudbaar. Hij was niet langer zichzelf; hij was gek. Vanaf het moment dat een schizofreen begrijpt dat wat hij denkt niet de waarheid is, is hij alleen nog maar ziek. Elke gedachte die je hebt, moet je dan wantrouwen. Dáár ben ik bang voor. Bovendien verlies je bijna iedereen waar je van houdt. Het houdt geen stand. Als iemand zó verandert, sterft de liefde. Wanneer je dan over straat loopt, terwijl je niet kan werken, aan de medicatie zit en misschien wel zuipt, keert vervolgens iedereen zich alleen maar van je af… Ja, dat perspectief wil ik wel laten zien met Een soort Hades.

Toneelschrijver Lars Norén schreef Een soort Hades al in 1995, voor de Zweedse tv. In ’97 maakte je oude werkgever Toneelgroep Amsterdam er een toneelstuk van. Waarom wilde je juist dit stuk nú opvoeren?

‘Ik kan niet één krantenartikel noemen dat de doorslag gaf, maar toen ik twee jaar geleden koos voor Een soort Hades werden de eerste voortekenen van de bezuinigingen op de geestelijke gezondheidszorg zichtbaar. Minder beschikbare bedden en minder behandelcapaciteit, maar vooral ook dat het signaleren van probleemgevallen voornamelijk bij ambtenaren en zorgverzekeraars kwam te liggen. Ambtenaren met targets om minder personen toe te laten tot de zorg. Vroeger waren we er heel snel bij als iemand de vaart der volkeren niet bij kon houden en over het randje tuimelde, maar nu zeggen we eerst een paar keer dat je beter je best moet doen. Dat het je eigen schuld is. Vervolgens dien je in je eigen omgeving hulp te zoeken, maar de afwezigheid daarvan is juist vaak onderdeel van het probleem. De overgang van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij levert een hogere druk op om te ‘slagen’ in een samenleving. Als dat niet lukt, moet je voor hulp een beroep doen op anderen. Terwijl anderen juist steeds minder bereid zijn die te verlenen. Het gevolg is de verwarde persoon die steeds vaker op straat en op social media opduikt; #verwardeman. De vraag is nu wat het over ons zegt dat we ons van die mensen afkeren, alsof ze besmettelijk zijn.’

En, wat zegt dat volgens jou?

Na lang nadenken: ‘Ik heb de indruk dat mensen in Nederland een lichte paniek ervaren. De afgelopen vijftig jaar hebben we zorgvuldig afgebroken wat we in Nederland qua ‘participatiemaatschappij’ hadden: de kerk, familiestructuren en het verenigingsleven. We zijn de gemeenschapszin kwijt en daardoor heerst het idee dat je alleen veilig bent als je je eigen zekerheden opbouwt. Terwijl ik denk dat je naar elkaars problemen moet kijken om te begrijpen hoe je samen kunt leven zonder bedreigingen.’

Wat hoop je dat mensen als ze ’s avonds thuiskomen na de voorstelling, nog met elkaar bespreken?

‘Dat vind ik gevaarlijk om te zeggen. Ik heb heel bewust deze voorstelling niet zo duister gemaakt als eerdere werken. Hij is confronterend, hard en soms intens verdrietig, maar over het algemeen ook heel warm, toegankelijk en grappig. Wat we tot nu toe horen van bezoekers is dus dat ze in eerste instantie echt mee gaan in de belevingswereld van de personages en een fijne toneelavond hebben. De dag erna, merken we, is het ingedaald en praten ze over het soort mensen dat ze gezien hebben. Heel veel bezoekers zeggen dan: ‘wat is de scheidslijn tussen gezond en ongezond toch dun.’ Dat vind ik enorme winst. Ik geloof niet dat mensen hierna ineens naar een verwarde man toe zullen lopen om naar zijn verhaal te luisteren. Maar er is in ieder geval empathie gekweekt en men zal minder snel met een grote boog om hem heen lopen. Of zich op zijn minst realiseren dat ze dat doen.'

Is dat dan genoeg, bewustwording?

'Ik maak voorstellingen om mensen te laten zien dat er iets aan de hand is. Ik presenteer geen oordeel, maar wil dat ze zelf vragen gaan stellen. In dit geval denk ik echter dat het écht nodig is dat mensen bij de stembus het verschil gaan maken. Maar ik kan ze moeilijk dwingen. We zitten nu in een systeem waarin massa's mensen werken op een manier waar ze het niet mee eens zijn. Heel veel zorgprofessionals die ik spreek, zeggen gewoon: ik kon mijn werk vroeger beter doen dan nu. De cijferterreur raakt de kwaliteit van de zorg, rechtspraak en het onderwijs in dit land. Het rendementsdenken maakt de zorg niet beter, die wordt alleen efficiënter voor de zorgverzekeraar. De Correspondent legt uitstekend uit hoe dat kan.’

Je linkt op de Theater Utrecht-website naar een artikel waarin Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer tegen BNR’s Paul van Liempt zegt: ‘Den Haag heeft geen oog voor wat zich allemaal afspeelt.’ Is dit stuk een protest?

‘Het is in eerste instantie een fijne toneelavond. Maar het feit dat ik deze groep, deze misfits laat zien, is echt wel een politieke daad. Mensen kijken in het theater tegenwoordig het liefst naar geslaagde afspiegelingen van zichzelf. Kijk maar naar de kostumering en decors van tegenwoordig, dat is heel veel moderne shine. Kleding die we zelf ook dragen of zouden willen hebben. En met die personages loopt het dan keurig volgens de norm slecht af. Het lijkt alsof er een waarschuwende werking van uit gaat voor hoe we nu zelf leven, maar dat is helemaal niet zo. We hebben lekker naar onszelf gekeken en ons schuldgevoel daarover gesust.

We kijken niet graag naar groezelige mensen. In het theater net zo min als op straat. Dat moet veranderen en daarom wilde ik per se dat dit in heel Nederland in de schouwburgen te zien is. Ik heb de originele toneeltekst er speciaal voor ingekort, anders konden we alleen al wegens de arbeidstijdenwet niet naar Groningen toe. In de schouwburgen zitten namelijk de mensen die op dit moment het verschil kunnen maken. De elite, zoals dat met een vies woord heet, is de benzine in de motor van de maatschappij. Maar de elite kijkt weg en zegt: ja, het zijn nou eenmaal moeilijke tijden hè, ik weet het ook allemaal niet. Als je het je financieel en geestelijk kunt permitteren om in de schouwburg te zitten, dan vind ik dat je het verplicht bent aan de samenleving om na te denken over dit soort problematiek. Van deze mensen verwacht ik écht meer, zeker als ze van mijn leeftijd zijn.

Het is tijd om te stoppen met roepen, met een spraakmakende opinie neerpennen en je likes tellen, en iets te gaan doen. Want van de generatie van mijn ouders gaat het niet meer komen, die wacht gewoon netjes op hun pensioen. Ik vind het angstaanjagend om te zien hoe de twintigers van nu zich terugtrekken uit de samenleving, omdat ze denken dat actie hopeloos is. Nog nooit hebben we met zijn allen zo goed door gehad hoe het systeem werkt en tegelijkertijd keken we het nooit eerder zo cynisch en lusteloos aan. Ik heb wel het gevoel dat er een kentering aan zit te komen. Wetenschappers, filosofen, journalisten en creatieven beginnen te voelen dat we ons moeten organiseren om een vuist te kunnen maken. Dat we naar het Malieveld, nee, het Binnenhof moeten. En niet alleen om fucking Zwarte Piet. Zie dit toneelstuk maar als een zet in de goede richting.’

Theater Utrecht gaat met Een soort Hades dus het hele land door. Met een CJP-pas krijg je op bijna alle speelplekken korting. CJP’ers krijgen bovendien bij de opvoering in de Stadsschouwburg van Amsterdam op 22 januari een gratis goodiebag mee naar huis.

Comments