Ontdek
Kortingen Win CJP events
Over CJP
Contact
Koop je pas Inloggen
31 jaar en operaregisseur
14 AUG 2013 • Door Willemijn Kruijssen • Meer blogs over Theater

31 jaar en operaregisseur

Operaregisseur; dan komt niet direct de associatie met een jonge vrouw naar boven. Hoe is het zo gekomen?
‘Zo’n mooie jurk, met zulke mooie muziek: dat wil ik ook, dacht ik toen ik zeven was en voor het eerst een opera zag. Ik ben naast de middelbare school de vooropleiding van het conservatorium gaan doen, maar ik twijfelde aan klassieke muziek. Later ben ik naar de Toneelschool gegaan, daar overgestapt op regie en toen kwam alles bij elkaar bij een workshop over opera. Ik vond het gaaf. Als als je eenmaal zoiets uitspreekt, gaat het rollen. Ik werd gevraagd voor een operaatje bij een productiehuis, liep een jaar stage bij De Nederlandse Opera en voor je het weet ben je operaregisseur.
Peter Konwitschny werd mijn mentor toen ik een jaar of 24 was; een beroemde, oude, autoritaire, Oost-Duitse operaregisseur. Hij heeft me alles geleerd wat hij wist, ik ben met hem de hele wereld overgevlogen. Ik mocht zelfs alleen een voorstelling hernemen in Portugal, met een volledig nieuwe cast en een koor from hell. Vooraf hoorde ik dat dat koor een heel moeilijke dynamiek had: een groepje mannen dat zichzelf het belangrijkste vond, een oudere vrouw die het helemaal had gehad met alles, een jonge vrouw met divakwaliteiten.’

Hoe heb je dat opgelost? Werd je wel serieus genomen?
‘Je moet gebruiken wat je hebt en ik ben nou eenmaal geen oude Oost-Duitser. De mannen wond ik om mijn vinger door ze mee uit eten te nemen, de oude vrouw vroeg ik om tips en de jonge vrouw gaf ik een hoofdrol, hoewel die er niet was.’

Met jouw operagezelschap Nieuw Nederlands Operafront heb je het doel gesteld een nieuw publiek naar de operazalen te krijgen. Je zou ook kunnen zeggen: dat publiek komt vanzelf als ze oud zijn.
‘Maar ik gun jong publiek juist nu al de ervaring! Het beste van theater, muziek en vormgeving komt in opera samen. Tekst komt via het hoofd binnen, terwijl de muziek direct je ziel binnentreedt. Ik vind ook veel opera’s erg saai. Dan gaat het heel erg traag of zie je iets waarvoor je al heel veel literatuur gelezen moet hebben om het te kunnen begrijpen. Ik probeer opera’s te maken die voor iemand die de eerste keer gaat mooi is en voor iemand die de honderdste keer gaat.'

Waarom zouden jongeren naar jouw La Bohème moeten gaan?
‘Ik heb een aantal Bohèmes meegemaakt als assistent. Ik denk dat het de mooiste opera van Puccini is, maar het bleef altijd een beetje op afstand, omdat ik me er niet in kon herkennen: arme studenten die bevriezen in de kou omdat ze geen hout kunnen kopen. Bovendien wordt het doorgaans gespeeld door veertigers en vijftigers, voor een publiek vol met zestigers.
Maar er zitten ook thema’s in die vandaag wel nog heel erg spelen. Bijvoorbeeld de hoofdrol Rodolfo. Hij ontdekt dat zijn vriendin Mimi ziek is en maakt het dan met een laffe smoes uit. Het deed me ontzettend denken aan Komt een vrouw bij de dokter: als het moeilijk wordt in een relatie, dan loop je weg. Ik heb er een draai aan gegeven. Puccini had het over armoede, ik heb het over innerlijke armoede, arm door overvloed. In plaats van Puccini’s kunstenaars zonder geld, zijn het bij mij Rietveldstudenten met rijke ouders. Als mijn Rodolfo dan echte liefde ontdekt voor Mimi, kan hij uitstijgen boven zijn nihilisme.’

Je hebt het verhaal dus in het heden gesitueerd. Wat is er nog meer anders dan een traditionele opera?
‘We hebben geen koor en geen groot orkest. Gelukkig bleek er al een productie voor vijftien instrumenten te bestaan. We spelen in een kleine zaal, zo zit je letterlijk dicht op de huis van de zangers, bij ons zijn dat twintigers. Alle koordelen zijn er uitgehaald, waardoor de opera negentig minuten duurt, zo lang als een film of een toneelstuk ook vaak duurt. Omdat die koordelen de overgangen tussen de aktes markeren, moesten we daar een oplossing voor vinden. We hebben gekozen voor iets radicaal anders, met elektronische muziek van Sinem Altan en DJ Ipek. Het begin van de tweede akte is een winkelcentrum rond kerst. Dus je hoort kassa, winkels, reclames uit de winkels komen. Dan word je weer even de 21ste eeuw binnengehaald.’

Hoe reageert publiek doorgaans op je opera's?
‘Jonge mensen staan veel opener voor moderne bewerkingen dan ouderen. Die kunnen nog wel eens zeggen: ‘Puccini had het zo en zo bedoeld’. Je hebt mensen die vinden dat je opera’s nog op dezelfde manier en met dezelfde kostuums moet opvoeren als in de negentiende eeuw. In Duitsland, waar de operatraditie heel groot is, zeggen ze drie dingen als ik iets voorstel: ‘Das haben wir immer so gemacht’, ‘Das haben wir noch nie so gemacht’ of ‘Das werden wir so nie machen.Ik heb bij de opera Het Sluwe Vosje eens meegemaakt dat er na afloop een harde 'boe' te horen was, gevolgd door een 'bravo'. Het publiek was verdeeld in twee kampen, waarbij de jonge bezoekers in die van de bravo hoorde. Het is deel van de operatraditie. Maar het is toch alsof je voor rotte tomaat wordt uitgemaakt. Ik hou liever iedereen tevreden.'

La Bohème is tijdens het Grachtenfestival te zien op 14, 15, 17, 18, 20 augustus in het Compagnietheater. Met je CJP-pas krijg je 50% korting op een kaartje.

Comments